woensdag 12 februari 2014

Moedig?

Ze keken. Allemaal. Zo voelde het althans. Ik liep op het St. Pancras station in mijn androgyne skinny broek met een Lisa-hempje onder mijn shirt en mijn Lisa-jas er overheen. Ik voelde me vandaag heel erg vrouwelijk en ik had geen zin meer de bijbehorende motoriek te verbergen onder een mannelijke façade, ook al was het een Man-ik dag vandaag. Ja, kijken jullie allemaal maar. Dit ben ik. Een vrouw in wording.

Vandaag ging ik mijn oude zangjuf R. opzoeken, die een tijd geleden naar Londen emigreerde. Ze wist nog niks van Lisa en het leek me voor haar prettiger als ik haar er niet mee zou overvallen. Speciaal voor deze dag had ik Man-ik’s skinny jeans, een longsleeve shirt en zijn schoenen in de koffer gedaan. Maar na twee zulke intense Lisa-dagen was de vrouwelijkheid niet van me af te schudden. En dat was helemaal prima. Ik hoefde niet anders te zijn dan ik was.

Eenmaal bij R. aangekomen kletsten we heerlijk over van alles en nog wat. Een uur lang zat ik met haar pas geboren dochtertje op schoot. Mijn moederhart bloeide op en soms moest ik het besef wegslikken dat ik zelf nooit een kind zal baren. Gek hoe die fundamentele drang zich laat voelen terwijl ik als man nooit een oersterke kinderwens heb gevoeld en terwijl ik al een kind heb waar ik dolgelukkig mee ben. Maar de nesteldrang welde in mij op als een fundamentele vrouwelijke energie die er gewoon is als je haar toelaat, ongeacht je hormonale situatie. Hoe dan ook, ik genoot van de lieve baby en de gezelligheid met R. Toen ik haar vertelde over mijn proces was ze geraakt. Geraakt door mijn openhartigheid en geraakt door mijn moed. Tja, ik snapte het wel, van die moed. Maar het voelt voor mij niet als een moedige daad. Het voelt alsof ik niet anders kan. En met mijn uiterlijk als vrouw (waar ik steevast complimenten over krijg) is het een stuk minder moedig dan voor sommige lotgenoten met een minder gunstige fysieke erfenis. En zie wat een probleem ik er al van maak!

’s Middags had ik met T. afgesproken. T. komt uit India maar woont voor studie in Londen. Ik heb haar voor het eerst ontmoet tijdens de stilte-retraite die ik vorig jaar deed en daar voelden we een heel sterke aantrekkingskracht. Ik was benieuwd (en zenuwachtig) over wat er vandaag zou gebeuren. Vandaag zou ik haar ontmoeten in haar natuurlijke habitat.

Terwijl ik een slok nam van mijn thee en opkeek uit het boek dat ik las kwam ze het café inlopen. Mijn blik werd meteen gevangen door haar prachtige diepbruine ogen. Een verlangen deed mijn lichaam tintelen. Maar onze lichamen knuffelden slechts, ter begroeting. Terwijl we gingen zitten en ons gesprek van start ging, maakte ik de balans op: T. is lief en zacht, stevig en eigengereid, zeer sensitief en spiritueel en zeer sensueel. En uit alles wat ze tijdens de thee over haar leven vertelde (daar kom je tijdens een stilte-retraite toch niet zo toe) maakte ik op dat ze moeite heeft het aardse leven van alledag het hoofd te bieden en dat ze graag iemand om zich heen heeft die haar op de grond houdt. En ineens drong het tot me door met wie ik aan het praten was. Het was M. Ineens zag ik de overeenkomst tussen T. en M. Het drong tot me door dat ik een zwak heb voor vrouwen die mijn bestaan legitimiteit geven doordat ze me nodig hebben, totdat ik mezelf zo heb uitgeput door te veel te geven dat ik niet anders kan dan ze los te laten, uit lijfsbehoud. Dit besef deed alle fantasieën over de avonturen die ik hier in Londen met T. zou beleven in één klap vervagen. Desondanks (of misschien wel daardoor) werd het een heel gezellige middag en avond.

Met T. sprak ik ook over Lisa. Ze had Lisa ontmoet tijdens een vrouwenweekend maar pas nu drong het tot haar door dat ik afsteven op volledige transformatie tot vrouw. En toen kwamen de vragen. Vragen die ik al vaak gehoord en beantwoord heb. Maar toen T. ze zo achter elkaar stelde gaf het mij de gelegenheid voor mezelf te toetsen of het allemaal nog wel klopte:
  • Is het geen fase? Nee. Niet in de zin dat het vanzelf overgaat. Wel in de zin dat ik nog even ergens doorheen moet.
  • Kan je niet én man én vrouw zijn? Nee, dat androgyne midden is geen oplossing gebleken. Sterker nog, mijn mannelijke identiteit is juist verschoven naar dat androgyne midden, dat daarmee natuurlijk geen midden meer is.
  • Wil je dan je piemel kwijt? Ik hecht niet aan het ding, behalve dan dat je als man er seksueel gezien veel plezier aan kunt beleven. Gelukkig voel ik ook niet elke dag grote weerzin bij het ding, hoewel dat mijn proces waarschijnlijk wel flink bespoedigd zou hebben.
  • Denk je dat al je problemen straks over zijn? Nee, alleen mijn genderdysforie. Ik realiseer me dat ik er dan een aantal nieuwe problemen bij krijg en dat veel problemen die samenhangen met conditioneringen en ervaringen als kind gewoon blijven bestaan. Ook die problemen die zijn voortgekomen uit mijn kinderlijke overlevingsstrategieën in een poging om te gaan met mijn genderdysforie. Helaas verdwijnen die niet met een geslachtsaanpassende operatie.
  • Krijg je geen spijt? Ik denk het niet, maar eerlijk gezegd: dat weet je nooit. Daarom probeer ik zoveel mogelijk nu al te ervaren hoe het straks zal zijn. Maar je weet het pas echt als het zover is. Ik beloof dat ik dan niet te trots zal zijn om het toe te geven.
  • Ben je dan nu lesbisch? Ik val nog steeds op vrouwen, dus ja. Maar ik heb ook ontluikende interesse in mannen. De toekomst zal het uitwijzen. Op dit moment ben ik er niet zoveel mee bezig.
  • Is het niet de bedoeling om alle kanten van jezelf te laten samengaan? Ja, dat is de bedoeling. En mijn transitie gaat me daar bij helpen. Man-ik en de Lisa die ik nu ben zullen samensmelten in een volwassen Lisa. Een volwassen Lisa met een mannelijk verleden.
’s Avonds laat, bij de ingang van de metrolijn die ons elk een andere kant op zou brengen namen T. en ik afscheid met een uitgebreide knuffel en een kus. En toen ik even later richting mijn hotel liep, voelde ik de mensen naar me kijken. Naar dit mens dat niet in een hokje past. Dit mens dat onderweg is naar een nieuw hokje dat ook niet helemaal naadloos past, maar wel een stuk beter. En terwijl ik de blikken trotseerde dacht ik aan de twee vriendinnen aan wie ik mezelf vandaag kwetsbaar heb laten zien. Twee schatten van mensen die me steunden en me moedig vonden. Tja, moedig? Ik kan niet anders.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten