zondag 22 maart 2015

Herentoilet

Gisteren vroeg een kennis aan me of ik tevreden was over mijn haartransplantatie van een paar dagen geleden. Ik antwoordde dat ik nog niet zeker wist of dit de laatste transplantatie zou zijn omdat ik mijn haarlijn nog wel vrij hoog vind zitten. Het zou vrouwelijker zijn als hij nog wat omlaag zou komen. Ze reageerde toen luchtig met een strenge ondertoon: “Weg met die spiegel!”. Ik moest gewoon lekker mezelf zijn, mijn vrouwelijkheid zat tenslotte toch in mij en was niet afhankelijk van de buitenkant. Haar erkenning van mijn intrinsieke vrouwelijkheid en de aanmoediging om mijn zelfacceptatie niet te laten bepalen door factoren die ik maar beperkt kan beïnvloeden, riep bij mij tegengestelde gevoelens op. Ik voelde de compassie waar haar opmerking uit voortkwam. Dergelijke steun heb ik vaker gekregen, van verschillende mensen. Als ik eens mijn zorgen uitsprak over mijn brede schouders, hoorde ik: “Joh, er zijn toch ook sportieve vrouwen met brede schouders”. Of als ik mopperde over mijn brede handen dan zei men: “Ja maar je hebt toch mooie elegante nagels?”. Mijn dikke nek werd ontmanteld door een: “Ja maar met zo’n mooi decolleté kijkt toch niemand daarnaar”. Mijn stem werd genormaliseerd door: “Er zijn toch ook vrouwen met een donkere stem?”. Mijn relatief dikke neus was geen probleem met zulke mooie ogen erboven. En als ik klaagde over mijn inhammen hoorde ik vaak: “Je ziet het nauwelijks als je je haar zo draagt”. En ze hadden allemaal gelijk natuurlijk. Alleen zagen ze allemaal iets over het hoofd. Of eigenlijk twee dingen. Ten eerste waren veel van die minpunten hanteerbaar geworden juist doordát ik ze niet zomaar accepteerde en er heel bewust maatregelen tegen had genomen. Die lange nagels zaten er niet voor niks. Mijn haardracht had ik niet voor niks zo gekozen. En mijn decolleté is mijn handelsmerk geworden (naast mijn supermooie benen!) omdat het zo mooi de aandacht afleidt. Ten tweede had ik niet slechts één van die minpunten als vrouw, maar ik had ze allemaal. Een optelsom die mensen die me zien soms sneller naar de conclusie ‘man’ leidt, dan me lief is.

Dat laatste heeft een serieus gevolg. Een gevolg waarmee ik de kennis met wie ik gisteren sprak definitief kon laten inzien dat de zorgen over mijn uiterlijk geen ijdelheid zijn. Geen symptoom van gebrek aan zelfacceptatie. Ik zei haar: “Als je een aantal keer heel dreigend bent uitgescholden voor vieze travestiet dan leer je dat je uiterlijk niet alleen belangrijk is voor zelfacceptatie maar ook voor lijfsbehoud”. Het bleef even stil. Het moest even tot haar doordringen wat ik had gezegd. Toen zei ze: “Gatver. Wat moeilijk”. Inderdaad. Moeilijk. Dat is het. En toch doe ik het. Maar mag ik dan af en toe even klagen?

Vandaag moest ik aan dit gesprek denken. En meer specifiek: aan de woorden ‘vieze travestiet’. Ik hoor ze steeds minder vaak. Een teken dat al mijn inspanningen om er zo vrouwelijk mogelijk uit te zien niet vruchteloos blijven. Maar vandaag was ik in een situatie waarin ik de associatie van een man in vrouwenkleren zelf opzocht. Vandaag ging ik naar een herentoilet.

Tijdens de pauze van een uitvoering van Bizet’s Carmen had ik mijn gasten van Vier het Leven goed verzorgd. Ik had ze aan de arm naar de foyer begeleid. Drankjes geregeld. Koekje er bij. Vervolgens was er even ruimte waarin ik voor mezelf kon zorgen. Ik moest plassen. Ik liep naar de toiletten en zag een joekel van een rij bij de damestoiletten. En aangezien ik al weer tijdig zou moeten beginnen om mijn wat minder mobiele gasten op tijd weer in de zaal te krijgen voor het tweede deel van de opera, leek het me een onhaalbare kaart op mijn beurt te wachten bij het vrouwentoilet. Op dat moment klapte de deur naast me open. Een man stapte uit het herentoilet. Ik keek hem aan en dacht: zal ik? Het was het meest praktische om te doen. Ik voelde een kriebel in mijn buik opkomen. De kriebel van de voorpret wanneer je op het punt staat iets te doen dat eigenlijk niet mag. Ondeugend zijn is spannend. Ik waagde het er op en stapte vastbesloten het herentoilet binnen. De aan de urinoirs staande mannen reageerden niet. Ze zagen me niet; volledig in beslag genomen door hun ontspannende blaasledigingen. De zit-wc’s waren allemaal bezet. Dus ik bleef wachten. Midden in het herentoilet, met links en rechts van me plassende mannen. Ik wiebelde wat op mijn voeten en voelde een enorme grijns op mijn mond. Ik was vrolijk omdat ik iets deed wat niet mocht. Een vrouw op het herentoilet, een schande! Ik hoorde water spoelen, een slot openklikken en een van de deuren voor me zwaaide open. Een man stapte naar buiten en keek me wat verbaasd aan. Hij zei niks en liep naar buiten (zonder zijn handen te wassen, jakkie! Laat zijn moeder het maar niet horen). Ik stapte de wc binnen en deed waar ik voor kwam. In de beslotenheid van mijn wc-hokje gaf ik mijn grijns de vrije hand en ik hoorde mezelf zachtjes giechelen.

Toen ik de wc verliet stonden er nog steeds mannen links en rechts bij de urinoirs. Vast niet dezelfde als toen ik binnenkwam, want de roulatiegraad was hoog viel me op. Terwijl ik richting de wastafel liep om mijn handen te wassen kwam er weer een nieuwe plasgast de toiletruimte binnen. Hij zag mij en met een spontaan en lachend “wow” maakte hij me duidelijk dat hij me als een vrouw in een mannentoilet zag. “Ja, ik had geen zin om zo lang te wachten bij de damestoiletten”, zei ik alsof het heel normaal was wat ik deed. Hij lachte begripvol. Hij zag een ondeugende vrouw in het herentoilet. Geen man in vrouwenkleren, geen vieze travestiet die ging plassen in de toilet-categorie die hem biologisch gezien was toebedeeld. Terwijl ik hier als getolereerde indringer stond, realiseerde ik me hoe snel het herentoilet uit mijn leven was verdwenen. Zo snel dat ik me verbaasde dat het nu al ondeugend voelde om hier te zijn. Ik ben een vrouw. Een vrouw die haar best doet om er zo vrouwelijk mogelijk uit te zien. Ik keek naar mezelf in de spiegel en ik zag dat mijn grijns nog steeds op mijn gezicht stond. Even later zwaaide ik trots de deur van de toiletruimte open en liep weer in de richting van mijn gasten in de foyer. Mijn gasten die ik niks vertelde van mijn kleine, vrolijk stemmende, avontuur.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten