dinsdag 8 maart 2016

Operatie

De arts spreekt de woorden kalm uit: “Er rest geen andere oplossing meer dan een operatie”. We wisten dat die optie bestond. En omdat S. de laatste week niet echt meer op de medicijnen reageerde, wisten we ook dat die optie dichterbij was gekomen. Toch verzette ik me: “Maar er waren toch nog andere medicijnen die je achter de hand had? Waarom overweeg je die nu niet meer?”. De arts knikte en zei een tikje verslagen: “daar is S. nu te zwak voor. Hij kan die bijwerkingen nu niet aan”. Ik zuchtte. Waarom is het lot hem zo slecht gezind? Verdomme. Deze operatie gaat het probleem wel oplossen, maar de consequenties zijn groot en zullen hem de rest van zijn leven beïnvloeden. Eigenlijk wil ik dit niet. Eigenlijk wil ik een second opinion. Eigenlijk wil ik nachtenlang het internet afstruinen naar nieuwe behandelingen die goede resultaten behalen. Ik wil handelen. Niet passief toezien hoe een arts in mijn kind gaat snijden. Ik voel de drang en tegelijk weet ik dat ik er niet de energie voor heb. Ik ben vaak bij S. om hem te steunen, op te beuren en te laten zien dat ik als vrouw nog steeds een lieve ouder ben. Daarnaast probeer ik 100 kilometer verderop al mijn andere verantwoordelijkheden zoveel mogelijk te nemen, om te voorkomen dat ik helemaal geen inkomsten meer heb. Ik kan er helemaal geen avondstudie geneeskunde bij hebben.

Ik kijk naar S. Hij ligt zwak ademend met zijn ogen dicht in bed, wetend wat er nu besproken wordt. Beelden komen terug van de afgelopen weken. Beelden van pijn, ongemak en een totaal gebrek aan decorum en zelfredzaamheid. Beelden van blijdschap over ons weerzien, blijdschap over de kleine stapjes vooruit die zijn lijf maakte. En beelden over de steeds terugkerende ziekte. In bed ligt mijn zieke zoon. Moe gestreden. Zowel fysiek als mentaal aan het einde van zijn latijn. Wil ik hem vragen nog door te knokken, terwijl ik zoek naar de heilige graal die hem gaat helen? Wil ik de arts onder druk zetten om toch het zware medicijn te gaan proberen? Wil ik een andere koers kiezen, terwijl de arts, mijn ex en mijn zoon alle drie klaar lijken te zijn met vechten? Ik kijk weer naar S. Ik zie zijn mooie lange donkere wimpers. Zijn iets getinte huid, het genetische eerbetoon aan de buitenlandse historie van de familie van zijn moeder. Ik zie zijn ronde neus, zijn mooie volle haar. Deze knappe jongen verdient een beter leven dan dit. Verdomme. Toch maar een operatie dan? We zullen wel met de nare consequenties leren omgaan. Het moet. Hij moet zijn leven terugkrijgen. Ik kijk naar de arts en zeg: “Wanneer kan de operatie plaatsvinden?”.

De uren die volgen staan in het teken van de voorbereidingen voor de operatie. Ik probeer mijn agenda vrij te maken om bij S. te kunnen zijn op de dag van de operatie. Hoewel ik weet dat het slechts om de kus bij de lift zal gaan, want vanzelfsprekend begeleidt mijn ex hem tot aan de deur van de OK. Als hij weer wakker wordt, voelt hij zich zo ziek van de narcose dat hij alleen zijn moeder aan zijn zijde duld. Net als bij zijn geboorte en een eerdere operatie mag ik er dan een hele dag als een jandoedel bij staan. Terwijl ik juist op die dag een goedbetaalde klus heb staan en ik het geld heel hard nodig heb. Even overweeg ik niet bij de operatie te zijn. Nuchter beschouwd een verstandige beslissing. Maar die beslissing knaagt al snel en ik kom er op terug. Ik moet in het ziekenhuis zijn. Ook al zal ik niet echt nabij S. kunnen zijn die dag, toch moet het. Om dat te kunnen doen moet ik allerlei afspraken verplaatsen of iemand anders vragen mij te vervangen. Een uur lang heb ik zo ongeveer permanent mijn telefoon aan mijn oor om alles te regelen.

In dat bel-geweld spreek ik ook het Medisch Centrum Alkmaar; het ziekenhuis dat over ongeveer twee maanden mij gaat opereren. Dat mij mijn vagina gaat geven. Ik hoor een stem me terloops, bijna laconiek vertellen dat mijn operatie een maand uitgesteld wordt. Men was vergeten dat mijn arts nog op vakantie zou gaan. Ik voel me boos over die laconieke houding. Ik voel me bang omdat de lastige tussenfase waarin ik verkeer dus nog langer zal gaan duren. Gefrustreerd omdat ik dus nog langer moet wachten voor ik verder kan met mezelf en mijn lichaam te ontdekken en in de wereld te zetten. Ik hoor de stem aan, spreek mijn teleurstelling uit en beëindig het gesprek snel. Kort en zakelijk. Ik heb er nu geen tijd voor. In de keuze tussen deze twee levensbepalende operaties, gaat die van mijn kind nu even voor.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten