zaterdag 25 juni 2016

Breathe deeply in and out

Dezelfde gebouwen schuiven voorbij. Dezelfde taxichauffeur zit vriendelijk lachend achter het stuur. Ook L. zit weer naast me. Maar het ritje is totaal anders dan drie dagen geleden toen we naar het intakegesprek met dr. Chettawut reden. Toen kletste ik honderduit van de zenuwen, maar nu ben ik stil. Mijn hand spreekt boekdelen: liggend in de hand van L. roep ik om hulp. Ik ben bang. Zo meteen gaat het gebeuren. Zo meteen krijg ik De Grote Operatie waar ik al jaren naar toe heb geleefd. De operatie die mijn lichaam definitief zal veranderen. De operatie die van mij volledig vrouw zal maken. Een hartenwens die intimiderender is geworden hoe meer de realisatie ervan dichterbij is gekomen.

Bij binnenkomst van de kliniek moeten L. en ik meteen afscheid nemen. Dat overvalt ons. Ik had graag nog even L.’s handje vastgehouden. Nu moet ik het met Beer doen. Ook fijn, maar toch niet hetzelfde. Maar er zit niks anders op. Ze hebben het hier in de kliniek al honderden keren gedaan, dus het zal wel goed komen. De Lieve Zuster (elk ziekenhuis heeft wel zo’n eindeloze bron van liefde rondlopen) neemt me mee naar boven nadat ik mijn slippers heb vervangen door fijne slofjes om het straatvuil beneden te houden. Binnen vijf minuten ben ik uitgekleed en heb ik een operatieschort aan en een haarnetje op. Even bekruipt me het gevoel dat dit allemaal wel heel snel gaat en dan zegt de lieve zuster: “you lie down here, I will come and shave the surgery area soon”. Ik ga op het bed liggen, wordt lekker toegedekt door de zuster en ze wrijft nog even over mijn arm voor ze de kamer verlaat. Het zou niet hebben misstaan als ze me ook nog een kus op de wang had gegeven en me welterusten had gewenst, zo huiselijk gaat het er aan toe. Het stelt me op mijn gemak. Rustig neem ik de ruimte in me op: een kleine, functionele, wat kale ruimte. Om het wat op te fleuren stal ik wat dierbare spulletjes uit op het tafeltje naast me, zodat ik die zie als ik straks weer wakker word.

Ik hoor stemmen op de gang en de deur gaat open. Daar is de zuster met het scheermes en ze scheert mijn hele schaamstreek kaal. Het geeft me rillingen, alsof het nu pas tot me doordringt waar de operatie eigenlijk uitgevoerd gaat worden. Ze verdwijnt weer, richting de andere stemmen op de gang. Ik sluit mijn ogen en adem diep. Ik ben ontspannen en toch huil ik. Een leeg universum dat alleen gevuld is met verwachtingen van wat komen gaat. Alsof je van de duikplank bent gesprongen en weet dat je ooit het water zult raken, maar niet wanneer en hoe hard. In dat tussengebied krimpt alles ineen in één punt van stilte en totale overgave.

Daar is de zuster weer. “Come”, zegt ze monter en ze neemt me bij de arm alsof we gezellig samen een terrasje gaan pakken. Ik loop met haar mee en een deur zwaait open. De operatiekamer. Drie in groen geklede mensen kijken me aan. Iedereen hier is zo lief en vol aandacht voor me. Eentje steekt zijn hand uit en stelt zich voor als anesthesist. Ik kijk in zachte vriendelijke ogen terwijl hij over mijn hand wrijft. Ik lach vriendelijk terug en praat wat over dat hij wel een paar mooie dromen voor me mag maken. Dr. Chettawut is er niet bij. Eerst heeft de anesthesist nog het nodige met me te doen. Ik ga op het operatiebed liggen en hij wrijft en klopt teder over de rug van mijn hand. Het voelt geruststellend maar ik snap heel goed dat hij op zoek is naar een geschikte ader voor het infuus. Mijn andere arm wordt liefjes gemasseerd door de Lieve Zuster. Een van de operatieassistenten staat naast mijn hoofd met een zuurstofkapje. Er wordt een bloeddrukmeter om mijn arm geschoven, een hartritmeklem op mijn wijsvinger gezet. Er verschijnen plakkers op mijn borst. Straks, nadat ik slaap, zal ik nog een buis in mijn keel geschoven krijgen voor beademing en zal de anesthesist nog een epiduraal infuus aanbrengen; pijnstilling via mijn ruggenwervel waardoor ik vanaf mijn middel verslapt en vrijwel zonder pijn zal zijn. Ook als ik weer wakker wordt.

Maar zover is het nog niet. De anesthesist praat tegen me. “Relax. I will give you this injection and it will feel cold. You just breathe deeply in and out”. Ik realiseer me dat het moment gekomen is. Ik draai mijn hoofd rond om voor de laatste keer de ruimte in me op te nemen waarin ik geopereerd ga worden en een voor een kijk ik de mensen aan die daarbij gaan assisteren. Ik ben er klaar voor. Ik kijk weer naar de anesthesist die mijn gedachten in mijn ogen leest en de injectie toedient. Ik voel de ijzige vloeistof door mijn hand naar mijn onderarm stromen. “Yes it is indeed very cold”, zeg ik nog lachend. “You just breathe deeply in and out”, zegt de vriendelijke anesthesist. De assistente komt dichterbij met het mondkapje en ik adem diep in en…

Geen opmerkingen:

Een reactie posten