zaterdag 16 juli 2016

Heiligschennis

Vanmiddag deed ik mijn borstmassage. Met mijn volle gewicht duwde ik mijn borst tegen de muis van mijn hand die tegen het raamkozijn aan lag. Ik voelde weerstand. Een stevige elastische substantie verzette zich, maar door mijn volledige gewicht tegen het kozijn te drukken lukte het me om voldoende druk te genereren. Ik voelde mijn borst platgedrukt worden. Of althans, ik voelde mijn huid, mijn borstweefsel, mijn borstspier zich uitrekken, onder druk van het siliconen implantaat dat er onder zat. Ineens zag ik de implantaten weer voor me die ik tijdens de intake bij dr. Chettawut in mijn handen had gehad. Zwaar, koud, ruw van oppervlak. Ik zag hoe mijn vinger zich in het implantaat boorde. De siliconen voegden zich gewillig om het drukpunt heen; de schil van het implantaat bolde op en werd iets meer doorschijnend. Mijn vinger trok zich terug en in een flits had het implantaat haar oorspronkelijke vorm weer aangenomen. Barbapapa was er niks bij. Nu, tijdens de borstmassage, speelde dit alles zich in mijn borst af. De 350cc van het implantaat voegde zich naar de omstandigheden, de schil onzichtbaar maar evengoed doorschijnend, klaar om terug te keren naar de oorspronkelijke toestand zodra ik de druk op mijn borst zou verminderen. Deze kunstmatige kwab was, in tweevoud, vanaf nu onderdeel van mij.

Halverwege 2012 schreef ik een heel heldere samenvatting van de worsteling in mijn zoektocht naar mijn gender. De wens om vrouw te zijn had negen tegenstemmen die ik eerst allemaal nog maar eens goed moest onderzoeken, vond ik toen. Ook al was de beslissing toen eigenlijk al onvermijdelijk. Eén van die tegenstemmen was mijn levensvisie dat je je lichaam moet eren. Ik ben geen gezondheidsfreak of foodie, maar ik probeer mijn lijf gezond en ongeschonden te houden. De ongeschonden puurheid van je lijf is voor mij een teken van respect aan de natuur waar je uit voortgekomen bent en onderdeel van uitmaakt. Daarom keek ik altijd meewarig naar mensen met een tatoeage of piercing.

En kijk me nu eens. Kon ik mijn haartransplantaties nog afdoen als ‘het herstellen van de natuurlijke uitgangssituatie’, het verwijderen van mijn baardgroei was ontegenzeglijk al een vernietiging van mijn oorspronkelijke natuur. Om van het chemische bombardement van de hormoonbehandeling maar te zwijgen. En nu? Nu is mijn aangeboren geslachtsdeel versneden tot een vagina en draag ik onder elke borstspier een flinke hand siliconengel. Dit was iets minder oppervlakkig dan een tatoeage. Had iets meer massa dan een piercing. En ik had het toegestaan. Ik had mijn tempel geschonden. Onomkeerbaar geschonden. Door trouw te zijn aan mijn verlangen was ik ontrouw geweest aan een voor mij belangrijke waarde. De stappen die ik hier in Thailand had gezet om mijn lijf aan te passen, waren niks minder dan heiligschennis. Geoorloofd, dat wel. Het belang van mezelf fundamenteel erkennen als vrouw woog zwaarder. Ik kon simpelweg niet beide belangen honoreren.

In dit onvermijdelijke conflict had ik mijn lichaam teleurgesteld. Ik had mijn impliciete eed gebroken dat ik goed voor dit lijf zou zorgen. Ik voelde me een verrader. Een verrader van mezelf. Ik was vies. Mijn lijf voelde vies. Het had voor altijd haar puurheid verloren. Mijn hoofd boog zich langs het raamkozijn en nederig liet ik mijn voorhoofd tegen de ruit vallen. Mijn tranen lieten het raam beslaan. Vanmiddag was mijn heiligschennis, mijn verraad aan mijn eigen lijf, ten diepste tot me doorgedrongen.

1 opmerking:

  1. Ja, klopt ja. Heb je allemaal gedaan. Maar voor een hoger doel.
    En dan mag het. Vind ik. Jouw geluk staat op de eerste plaats. Dat is het belangrijkste. Dus ik hoop nu dat je weer terug naar je gezonde leven kan en tot je 100e goed voor dit lijfie zorgen. Ik kijk er naar uit om je weer te zien! xxx

    BeantwoordenVerwijderen