zondag 26 juni 2016

Verkoever

Het licht is gedimd in de kamer. Ik open mijn tweede oog om beter te kunnen zien. De kamer komt me niet vreemd voor, maar van herkenning kan ik ook niet echt spreken. Eigenlijk vind ik er niks van. Voor ik me kan afvragen waarom ik wakker werd, verdwijn ik weer in een mistige slaap. Dit wiegen tussen slaap en waak herhaalt zich een aantal keer totdat ik zo helder ben dat ik meer registreer dan het gedimde licht in de kamer. Ik voel een grote druk op mijn borst. Pijn. Ik zie een groot wit verband er strak omheen gewikkeld. Over de rest van mijn lijf ligt een deken, tenminste ik neem aan dat daar de rest van mijn lijf is; ik voel er namelijk niks. Ik til mijn hand op omdat mijn gezicht jeukt. Mijn arm is zwaar. Dat zal niet door het gewicht van het infuus zijn dat er in zit. Een beetje wiebelend raakt mijn hand mijn gezicht en ik ontdek een slangetje dat zuurstof mijn neus in blaast.

De deur gaat open en de Lieve Zuster komt de kamer binnen. Ze streelt mijn arm en haalt haar hand door mijn haar. “Lisa”, zegt ze. “Lisa are you awake?”. Ze herhaalt de informatie die ik voor de operatie al had gekregen: dat ik wakker zou worden met drains in elke borst en bij mijn vagina. Dat alles strak ingepakt zou zijn. Dat ik een epiduraal infuus voor pijnstilling zou hebben dat mijn hele onderlijf praktisch bewegingsloos en gevoelloos zou maken. Dat ik een infuus in mijn arm zou hebben en pijn in mijn keel vanwege de beademingsbuis. Check. Alles klopte. Alles was er inderdaad. De zuster vraagt of ik misselijk ben en ik schud van nee. Ze haalt het zuurstofslangetje weg en bied me wat te drinken aan. Ik richt me op om beter te kunnen drinken. Ik voel me een vis op het droge die niet veel meer dan een paar zijvinnetjes heeft om zich te verplaatsen, maar het lukt. “You strong patient”, lacht de Lieve Zuster. Ik drink; door een rietje. Of het water, melk of whisky is zou ik je niet kunnen zeggen. Het is vast water. Ik laat me weer zakken en doezel weg.

Even later ben ik weer wakker en kijk de kamer rond. Ik ben duidelijk wakkerder nu. Dr. Chettawut komt binnen, pakt liefdevol mijn hand en zegt: “The surgery went very well. But you lost a lot of blood”. De zuster aait weer over mijn bol en er wordt iets gezegd over dat ik langer op de verkoeverkamer moet blijven. Het zal wel. Ik lig hier prima. Ik sluit mijn ogen en slaap weer in.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten